Anne Nieuwenhuijs

Anne Nieuwenhuijs

Vloeibaar Land

Het kleinste deeltje als oplossing voor de troebele Westerschelde 

De Westerschelde: een estuarium, een open zeearm die tegelijkertijd riviermonding is, een van de drukst bevaren wateren ter wereld. De mariene invloed van de Noordzee manifesteert zich er steeds nadrukkelijker en hoewel de Westerschelde een beschermd natuurgebied is, voert functionaliteit de boventoon, zijn recreatieve waarden nauwelijks aanwezig, staan natuurlijke dynamiek en biodiversiteit onder druk en zijn baggerwerken een continue en kostbaar proces.

Het kleinste deeltje
Dit afstudeerplan onderzoekt hoe het giftige slib dat in de Westerschelde voorkomt gebruikt kan worden als bouwsteen om nieuwe, rijke en dynamische landschappen te laten ontstaan. Het plan neemt het kleinste deeltje als uitgangspunt voor ruimtelijk ontwerp en toont hoe dit een startpunt kan zijn voor dynamiek: landschap van erosie en sedimentatie. Stel je voor dat je kunt wadlopen in de Westerschelde omdat het vloeibare land is gestold.

Gif erfenis
Het water van de Westerschelde is troebel en kent een geschiedenis van zware vervuiling en waterverontreiniging. Meer dan anderhalve eeuw hebben industriële, stedelijke en andere lozingen het water zwaar vervuild met gifstoffen. Daar waar de meeste en fijnste kleideeltjes in het estuarium voorkomen, daar is ook het water en sediment van de Westerschelde het sterkst verontreinigd. Onder de rook van Antwerpen is een giftige erfenis in het slib opgeslagen.

Opgave en ontwerp
Hoe kan het kleinste deeltje een bouwsteen vormen dat gebruikt kan worden voor een systeemverandering in de Westerschelde? Vloeibaar Land laat zien hoe het kleinste deeltje een startpunt kan vormen voor grootschalige veranderingen met:

1. Het slibblok - objecten waarin het gif is ingekapseld;
2. De gif mijn - een gebied van 500 ha waar geperforeerde naalden het giftige slib wegzuigen;
3. Nieuw zand - toepassing van de slibblokken die voor nieuwe dynamiek, aanzanding en toegankelijk landschap  zorgen.

Afstudeercommissie: Roel van Gerwen (mentor), Marlies Boterman en Marit Janse.

Terug naar lijst
Delen